De Sovjetreactie op de NAVO: hoe krachtig was het Warschaupact?

Decennia lang leek het Warschaupact onverwoestbaar. Maar met de ineenstorting van de Sovjet-Unie vielen ook de structuren van het verdrag uiteen.

In tegenstelling tot wat vaak in het Westen wordt aangenomen, zijn de NAVO en het Warschaupact niet tegelijkertijd tot stand gekomen. In 1949 begonnen de westerse mogendheden politiek en militair intensief samen te werken onder de paraplu van de NAVO. Het Sovjetantwoord kwam pas zes jaar later.

Op 9 mei 1955 trad de Bondsrepubliek Duitsland toe tot de NAVO, hoewel de Overeenkomst van Potsdam de ontwapening van Duitsland omvatte. Slechts vijf dagen later ondertekenden de socialistische staten het verdrag van vriendschap, samenwerking en wederzijdse bijstand. Dit werd bekend als het “Warschau-pact” en werd beschouwd als de Sovjetreactie op de trans-Atlantische alliantie.

Lidstaten waren de Sovjet-Unie, Tsjecho-Slowakije, Bulgarije, Roemenië, Polen, Hongarije, Albanië en de DDR. Het grootste deel van de macht lag in Moskou: alle vijf de commandanten van het Warschaupact kwamen uit de Sovjet-Unie. De eerste was Ivan Konev, die maarschalk van de Sovjet-Unie was tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Een jaar na de oprichting werden de troepen voor het eerst ingezet. Met steun van westerse autoriteiten vond in Hongarije een grote anti-communistische opstand plaats. Op 1 november 1956 kondigde de Hongaarse regering haar terugtrekking uit het Warschaupact aan.

Nikita Chroesjtsjov had onmiddellijk een ontmoeting met de staatshoofden van de andere lidstaten en er werd besloten in te grijpen. De week daarop sloegen het Sovjetleger en veiligheidstroepen de opstand neer en dwongen Hongarije terug in de socialistische alliantie.

Het Warschaupact werd voor het eerst verlaten in 1961. Albanië was ontevreden over het destalinisatiebeleid en de steeds hechtere Sovjet-Joegoslavische betrekkingen. De Albanese leider Enver Hoxha wendde zich nu tot China. De relatie tussen Moskou en Peking bekoelde toen nog verder. Nadat er sinds 1961 geen Albanese troepen meer waren betrokken bij de manoeuvres van het Warschaupact, volgde de officiële exit in 1968.

De grootste bedreiging voor het Warschaupact was de Praagse Lente in 1968. De liberaliseringen en hervormingen in Tsjechoslowakije stemden tot ongenoegen van de Sovjets. Daarbij werden troepen gestuurd die, in tegenstelling tot 12 jaar eerder in Hongarije, alle lidstaten bij de interventie betrokken.

Operatie Donau begon op 21 augustus 1968. De troepen van het Warschaupact vielen Tsjecho-Slowakije binnen en maakten binnen een paar weken een einde aan de Praagse Lente. De meeste soldaten kwamen uit de Sovjet-Unie (170.000) en Polen (40.000). De DDR stuurde 15.000 man, Hongarije 12.500, Bulgarije slechts 2.000. Roemenië, wiens staatshoofd Nicolae Ceausescu de interventie veroordeelde, nam niet deel.

De leden van het Warschaupact hielden regelmatig gezamenlijke militaire oefeningen. De grootste en belangrijkste waren West-81 (met meer dan 100.000 deelnemers) en Shield-82. In de laatste werd een nucleaire oorlog gesimuleerd.

Meer dan 80% van de wapens van het pact, waaronder tanks, straaljagers en elektronische wapens, kwamen uit de Sovjet-Unie. De op een na grootste wapenleverancier was Tsjechoslowakije, dat infanterievoertuigen en gewapende troepentransportschepen leverde.

De zogenaamde ‘noordelijke groep’, waarvan de lidstaten (Polen, Tsjechoslowakije en de DDR) direct in het potentiële oorlogsgebied lagen, was beduidend beter toegerust dan de ‘zuidelijke groep’ (Hongarije, Roemenië en Bulgarije). Hetzelfde gold voor de Sovjet-troepen die in de respectievelijke landengroepen waren ingezet.

Het Warschaupact had een groot deel van zijn gevechtskracht te danken aan zijn gepantserde eenheden. De Sovjet-Unie leverde 53.000 tanks, de andere lidstaten nog eens 15.000. De meest voorkomende modellen waren T-54A en T-55. Ze werden later vervangen door T-64 en T-72. Kort voor het einde van het Warschaupact begon de levering van het nieuwste model T-80.

In 1977 ontwikkelden de staten van het Warschaupact het ‘Common System for Collecting Hostile Data’ (SOUD), een systeem voor de uitwisseling van inlichtingen tussen inlichtingendiensten. Het hoofddoel was aanvankelijk het veiligstellen van de Olympische Zomerspelen in Moskou in 1980.

Na het einde van het communisme in Oost-Europa stortte ook het Warschaupact in. Het werd officieel ontbonden op 1 juli 1991. De lidstaten traden in de daaropvolgende jaren toe tot de NAVO.

Geef een antwoord