Kerncentrale Tsjernobyl warmt zonder reden plotsklaps op

In de afgelopen vijf jaar heeft een sensor die de neutronenemissies diep in het puin van de kerncentrale van Tsjernobyl bijhoudt, een geleidelijke stijging van de activiteit vastgesteld. Het zou niets kunnen zijn. Maar de mogelijkheid bestaat dat er een kernsplijtingsreactie op gang is gekomen.

Helaas maakt de locatie van het gloeiende materiaal onder puin en zware betonplaten gedetailleerd onderzoek zeer moeilijk. Toch moeten onderzoekers van het Instituut voor Kernenergie (ISPNPP) in Kyiv, Oekraïne, bepalen of de waargenomen toename van neutronen een voorbode is van een naderende ramp, of onderdeel van het normale gerommel in de gesloten centrale.

De kernramp van Tsjernobyl is de grootste die ooit heeft plaatsgevonden. Het ongeval gebeurde op 26 april 1986 nabij de Oekraïense stad Tsjernobyl, vlakbij de grens met Wit-Rusland. Een reactor van de kerncentrale explodeerde. Het hele gebied rond de centrale is sinds die tijd onbewoonbaar. De nabijgelegen stad Pripjat is ontruimd en bevroren in de tijd.

In de gesloopte centrale verzamelde zich oververhitte uraniumsplijtstof in poelen. Het vermengde zich met de gesmolten zirkonium bekleding, grafiet splijtstaven en vloeibaar zand om een soort lava te vormen die uiteindelijk stolde. In die massa lijken nu weer kernreacties plaats te vinden van uraniumisotopen. Daarbij zou enorme hoeveelheden energie vrij kunnen komen, met mogelijk explosieve gevolgen.

In 2016 is een nieuwe overkapping van de centrale gereedgekomen. Het kan zijn dat die zorgt dat de radioactieve massa’s nu uitdrogen. Dat zou kunnen verklaren waarom er een kernreactie op gang lijkt te komen en de centrale warmer is geworden.

Geef een antwoord