Sint Stefanus wordt sinds 1990 weer gevierd

Sinds 20 augustus 1990 wordt steevast Sint Stefanus in Hongarije gevierd. Voor 1990 werd gedurende 41 jaar de feestdag van de eerste koning van het land stil gezwegen.

Stefanus I de Heilige (Szent István) werd omstreeks 975 geboren en stierf op 15 augustus 1038). Hij werd in het jaar 1000 de eerste koning van Hongarije. Sinds 1083 wordt hij als heilige vereerd, wat geldt voor de grootste feestdag in Hongarije.

De feestdag werd vanaf 1946 verboden.

De troepen van de Sovjet-Unie waren in 1945 bevrijders, maar tegelijk ook nieuwe bezetters. Een tweede poging om een democratische republiek te vestigen was gedoemd te mislukken, Hongarije moest tot het Oostblok toetreden. Hiermee werd verboden om Sint Stefanus te vieren in Hongarije.

Na Stalins dood leek er ruimte voor meer vrijheid, maar de onderdrukking van de Hongaarse Opstand van 1956 maakte duidelijk dat die vrijheid zeer beperkt was. Nog steeds was er een verbod op de feestdag van het land.

Veel Hongaren vluchtten naar het westen. Onder het bewind van János Kádár bleef het politieke systeem repressief, maar op economisch gebied werden de communistische principes vanaf de jaren zestig flexibel toegepast. De consument kreeg meer aandacht, er was enige ruimte voor particulier initiatief. Het land werd daarom door de westerlingen gezien als het “minst onaantrekkelijke” land van het Oostblok.

In de jaren tachtig ontstond in de communistische partij een belangrijke groep die ook meer politieke vrijheid wilde toestaan. Toen de ontwikkelingen in de Sovjet-Unie dat mogelijk maakten werd de oude Kádár terzijde geschoven en begon het bewind zichzelf te hervormen. In 1989 werden de leiders van de opstand van 1956 in ere hersteld. Op 19 augustus 1989 opende men het IJzeren Gordijn en in oktober van dat jaar werd in overleg met de democratische oppositie de volksrepubliek ontbonden en vervangen door de Republiek Hongarije. De eerste vrije parlementsverkiezingen vonden in 1990 plaats. Door het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 kon Hongarije ook in de buitenlandse politiek vrije keuzes maken: het land trad na volksraadplegingen toe tot de NAVO (1999) en de Europese Unie (2004).

Sinds 1990 werd de nationale feestdag Sint Stefanus weer in ere hersteld.

Hongarije ontwikkelde zich vanaf de val van het IJzeren Gordijn als een vrije democratie. In eerste instantie wisselden de rechtse en linkse partijen elkaar af. Het conservatieve MDF leverde de eerste vrije president. Later regeerden afwisselend het conservatieve FIDESZ van Viktor Orbán en het socialistische MSZP van Ferenc Gyúrcsány.

Geef een antwoord